Hoe het Franse 'on' alles verhult (en waarom dat cultureel belangrijk is)
Wie in Frankrijk woont of er vaak komt, hoort het woord honderden keren per dag: on. Op straat, in de supermarkt, in gesprekken met buren of ambtenaren – het lijkt een onschuldig woordje, maar het draagt veel meer gewicht dan je op het eerste gehoor zou denken.
'On est en retard' – maar wie bedoel je?
Een van mijn eerste maanden in Frankrijk werkte ik met Fransen aan een project dat steeds uitliep. Elke keer dat ik ernaar vroeg, kreeg ik het antwoord: On est un peu en retard.
De frustratie zat 'm niet in de vertraging, maar in het woord: on. Wie was er precies te laat? De leverancier? Zij? Wij? Niemand wees iemand aan. On was als een mist waar iedereen zich achter verschool.
In het Nederlands zouden we zeggen: "Jullie lopen achter" of "Het is vertraagd omdat we nog wachten op de besteller." Dat is helder. In het Frans blijft het vaag. En juist die vaagheid is geen toeval, maar onderdeel van iets groters.
Ontwijken van directe verantwoordelijkheid
Het Franse on betekent officieel gewoon "men" of "wij". Maar in de praktijk is het vaak een manier om iets te zeggen zonder dat iemand zich er direct op kan vastpinnen. Neem:
- On a oublié de fermer la fenêtre. – Wie is "on"? Jij? Ik? Iedereen?
- On ne fait pas ça, ici. – Wie doet het niet? En waarom niet?
Je zou kunnen denken dat dit een slordigheid is, maar het is eerder een sociale strategie. Door niemand direct aan te wijzen, blijft de sfeer vriendelijk, behouden mensen hun gezicht, en laat je ruimte voor nuance – of ontwijking. Het past bij een cultuur waarin beleefdheid en indirectheid vaak belangrijker zijn dan duidelijkheid.
Bescherming in de groep
Fransen zijn geen lafbekken. Ze kunnen fel debatteren, en in staking gaan alsof hun leven ervan afhangt. Maar in het dagelijks contact ligt de nadruk vaak op het vermijden van confronterende directheid. On helpt daarbij.
Vergelijk het met Nederland of België, waar we eerder geneigd zijn iemand direct aan te spreken. "Dat is jouw taak, toch?" of "Waarom is dit nog niet gebeurd?" In Frankrijk zou dat bij een eerste ontmoeting al snel als bot overkomen. Daar drukt on een soort gedeelde betrokkenheid uit zonder iemand individueel te belasten.
Beleefde generalisaties
On is ook handig wanneer je iets wil zeggen zonder jezelf helemaal bloot te geven. In plaats van "Ik vind dit niet lekker" wordt het: On n’aime pas trop, ce genre de truc. Als de ander het dan wél lekker vindt, kun je nog makkelijk meebewegen.
Net zoals "we" in het Nederlands kan on verleidelijk zijn voor het verhullen van een oordeel. Alleen is het in het Frans veel normaler – zelfs noodzakelijk – om zo te spreken. Het stelt mensen in staat hun mening te uiten zonder die iemand ongevraagd ‘op te dringen’.
Taal als spiegel van cultuur
Hoe een taal is opgebouwd, vertelt iets over hoe mensen met elkaar omgaan. Het alomtegenwoordige gebruik van on in het Frans laat zien hoe belangrijk het is om contact soepel te houden, om confrontatie te vermijden, en om de groep belangrijker te maken dan het individu.
Voor Nederlanders (en zeker voor Vlamingen) die gewend zijn aan heldere communicatie en het benoemen van verantwoordelijkheden, kan dat frustreren. Maar als je wat langer meedraait, merk je dat on ook bescherming biedt. Geen ruzie, geen schuld, gewoon op een gezamenlijke manier verder.
Is het altijd even duidelijk? Nee. Maar misschien is dat ook de bedoeling.