De Franse Assemblée nationale en Senaat hebben op 20 en 21 juli 2026 de noodwet voor de landbouwsector nu definitief aangenomen. Deze wet brengt verstrekkende veranderingen met zich mee voor watergebruik, pesticiden, natuurbeheer en het agrarisch ondernemingsklimaat.
Nieuwe politieke en procedurele status (stand 22 juli 2026): De wet is met 296 tegen 224 stemmen aangenomen in de Assemblée nationale en met 214 tegen 111 stemmen in de Senaat. Opvallend is het politiek draagvlak: behalve de rechtse oppositie steunde circa tweederde van de regeringsfractie de wet, terwijl linkse partijen massaal tegen stemden. De stemming leidde tot verdeeldheid binnen de regering; minister Monique Barbut (Ecologische Transitie) bood direct na de aanname van de wet haar ontslag aan vanwege fundamenteel bezwaar tegen de wijze waarop waterbeheer in Frankrijk vorm krijgt. Haar ontslag kan echter nog door de president worden geweigerd, waardoor ze mogelijk nog in functie blijft.
Aanpassingen in waterbeheer en -opslag: De wet vereenvoudigt vergunningtrajecten aanzienlijk en verkort de procedure voor agrarische wateropslag, ook in ecologisch kwetsbare gebieden. De sector krijgt expliciet méér invloed: waterbeheerorganen worden aangevuld met meer vertegenwoordigers uit de landbouw en het toezicht op staatswateragentschappen wordt gedeeld door de betrokken ministeries van Landbouw, Economie, Gezondheid en Regionale Planning (naast Ecologische Transitie). Hierdoor verschuift de machtsbalans richting de agrarische sector. Kritiek uit onder meer milieuhoek richt zich op het risico van toenemende waterschaarste en 'monopolisering' van waterbronnen door grootschalige bedrijven.
Een amendement uit de Senaat maakt het mogelijk dat de belasting op pesticidengebruik tijdelijk geschorst kan worden; deze belasting werd tot dusver direct afgedragen aan wateragentschappen om verontreiniging te compenseren.
Definitieve versoepeling wolfbeheer: Boeren mogen nu zonder voorafgaande toestemming wolven afschieten als zij vee beschermen; de vergunningsplicht verdwijnt en het is toegestaan om nachtzicht- of warmtebeeldapparatuur te gebruiken. Quota voor afschot van wolven worden verhoogd en het niet-benutte deel van het quotum mag naar een volgend jaar worden meegenomen, wat gevolgen kan hebben voor de populatieontwikkeling op termijn.
Strafmaat bij agrarisch gerelateerde misdrijven aangescherpt: Nieuw in de wet is dat voor diefstal en vernieling op of rond agrarische bedrijven—waaronder schade aan wateropslag—een maximum gevangenisstraf van vijf jaar en een boete tot €75.000 geldt. Dit ziet deels op het bemoeilijken van sabotageacties rond nieuwe waterinfrastructuur.
Verdere details over pesticidenregels, recente wetenschappelijke inzichten en de juridische achtergronden blijven zoals in eerdere versies vermeld.
Eerdere details, achtergronden en uitwerking
De Franse Assemblée nationale heeft op maandag 20 juli 2026 ingestemd met een wetgevingspakket dat verstrekkende gevolgen heeft voor watergebruik, landbouwpraktijken en natuurbeheer. Deze noodwetgeving, bedoeld om structurele crisismaatregelen voor de agrarische sector mogelijk te maken, vereist nog goedkeuring door de Senaat op dinsdag 21 juli voordat de regels definitief worden.
Update procedurele details pesticidentoelating (21 juli 2026): Het wetsvoorstel bepaalt nu dat als de minister van Landbouw dit formeel aanvraagt, het nationale voedselveiligheidsagentschap Anses binnen een termijn van twee maanden en uitsluitend bij uitzondering kan besluiten om tijdelijk het verbod op gebruik van acétamipride en flupyradifurone op te heffen. Daarbij geldt dat Anses dit alleen doet indien er geen of onvoldoende alternatieven zijn én het gebruik geen significante risico’s oplevert voor de volksgezondheid of een ernstige, onomkeerbare milieuschade veroorzaakt.
Zodra Anses goedkeuring geeft, kunnen telers een vrijstelling voor maximaal 120 dagen verkrijgen via het ministerie van Landbouw. Fabrikanten van gewasbeschermingsmiddelen kunnen daarnaast een tijdelijke marktautorisatie van één jaar aanvragen, die daarna maximaal twee keer kan worden verlengd door Anses (in totaal maximaal 3 jaar). Dit onderscheid in duur en procedure tussen telers en fabrikanten is op 21 juli 2026 door het ministerie benadrukt.
De toepassingen zijn verder gespecificeerd:
- Flupyradifurone mag worden toegepast als gecoate zaden voor suikerbiet en als spuittoepassing voor cerise en appel.
- Acétamipride is uitsluitend voor hazelnoot toegestaan als spuitmiddel. Hierbij moeten telers de “best beschikbare technieken” inzetten om afdrift naar lucht en water te beperken.
Eerdere pogingen tot herintroductie van acétamipride zijn in augustus 2025 gestrand: toen heeft het Franse Constitutioneel Hof deze maatregel verboden wegens gebrek aan voldoende wettelijke waarborgen (Duplomb-wet). De huidige versie tracht deze juridische bezwaren te ondervangen met strengere procedurele kaders.
Nieuwe details rond de tijdelijke versoepeling van pesticiden:
- Voor de teelten van suikerbieten, appels en kersen kan het voorheen verboden insecticide flupyradifurone op basis van een speciale ontheffing maximaal drie jaar worden gebruikt, mits de Agence nationale de sécurité sanitaire (Anses) toestemming geeft. Dit is expliciet bedoeld om verliezen door de vergelingsziekte bij suikerbieten tegen te gaan; in sommige bietenteeltgebieden is tot wel 50% van het veld door deze virusziekte aangetast. Er zijn al vier alternatieve insecticiden geprobeerd, maar deze werken volgens telers onvoldoende.
- Voor de hazelnotenteelt wordt eenzelfde tijdelijke vrijstelling mogelijk voor acétamipride. Beide actieve stoffen waren tot nu toe verboden in Frankrijk, mede vanwege hun schadelijkheid voor pollinators zoals bijen en negatieve effecten op het milieu: deze stoffen worden teruggevonden in water, lucht en aangrenzende natuur en belasten volgens wetenschappers ecosystemen op grote schaal.
Nieuwe wetenschappelijke inzichten over acétamipride en flupyradifurone (stand juli 2026): Recente Franse en internationale studies tonen aan dat zowel acétamipride als flupyradifurone grootschalig en systemisch door planten worden opgenomen en zich verspreiden in de omgeving. Volgens onderzoekers bij het CNRS en Anses verspreiden deze stoffen zich niet alleen over hele akkers, maar ook door regenwater tot in nabijgelegen bossen, weilanden en waterlopen. Uit een Japanse studie bleek zelfs dat het mogelijk is dat acétamipride via regen over grotere afstanden wordt verspreid. In maart 2025 rapporteerde een onderzoek in het tijdschrift Communications Earth & Environment dat toepassing van acétamipride, zelfs in lage dosering, leidde tot een sterfte tot 92% van drie onderzochte insectensoorten in omliggende gebieden.
De toxiciteit voor niet-doelwitsoorten is breder dan maximaal bekend was: naast bijen en andere pollinators zijn ook vogels, amfibieën, zoogdieren en ongewervelden kwetsbaar. Recent zijn sporen van acétamipride aangetroffen in de organen van wilde herten, wat samenhangt met gewichtsverlies, aantasting van de voortplantingsorganen en verminderde overleving van hun nakomelingen.
Wat betreft de effecten op de volksgezondheid stelt de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) in haar recentste rapportage (2024) dat er nog steeds ‘grote onzekerheden’ bestaan over de risico’s voor mensen bij blootstelling aan acétamipride: “Het is noodzakelijk om meer gegevens te verzamelen voor een stevigere risicobeoordeling”, aldus EFSA, die aanbeveelt om de maximaal toegestane waarden verder te verlagen zolang deze onzekerheden voortduren.
Volgens een breed wetenschappelijk consensus is er bewijs dat acétamipride en flupyradifurone de overdracht van signalen tussen zenuwcellen verstoren en een potentieel risico vormen voor de ontwikkeling van het zenuwstelsel van (ongeboren) kinderen. Sommige Franse onderzoekers wijzen ook op aanwijzingen voor mogelijke kankerverwekkendheid en gevaar voor de voortplanting, wat tot uiting kan komen in bijvoorbeeld schade aan lever, nieren en geslachtsorganen. Hierover zijn de meningen van regulerende instanties en onafhankelijke wetenschappers niet volledig gelijklopend, temeer omdat het verzamelen van menselijke data bemoeilijkt wordt door het systemische karakter van deze stoffen.
Volgens het wetsvoorstel mag de Franse regering uitzonderingen toestaan op het bestaande verbod van enkele omstreden pesticiden, te weten acétamipride en flupyradifurone. Er worden strikte voorwaarden verbonden aan deze toelating, die alleen geldt voor kwetsbare teelten en onder toezicht van het nationale agentschap voor voedselveiligheid (Anses). Ook versoepelt de wet regels rond milieubelastingen op pesticiden en worden beschermingsmaatregelen voor waterwinning beperkt tot de ernstigst vervuilde bronnen. Kamerbreed bleef discussie bestaan over deze versoepelingen en hun gevolgen voor landbouw en milieu.
Achtergrond: Gezondheids- en milieueffecten van acétamipride
Recent Europees onderzoek en rapportage van de EFSA (Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid) wijst erop dat acétamipride bij inname toxisch is en mogelijk kankerverwekkend kan zijn. Onderzoek bij mensen toont verbanden aan tussen blootstelling aan acétamipride tijdens de zwangerschap en een kleinere schedelomtrek bij kinderen, wat op verminderde hersenontwikkeling kan duiden. Zwitserse onderzoekers vonden zelfs sporen van acétamipride in het hersenvocht van kinderen, al betrof dit een zeer kleinschalig onderzoek (14 kinderen). Daarnaast bleek uit andere dierstudies dat acétamipride het endocriene systeem kan verstoren, bijvoorbeeld door verlaging van het testosteronniveau, en dat het bij muizen borstkanker kan veroorzaken. Toch zijn de onderzochte groepen vaak klein, waardoor nader onderzoek is aanbevolen.
Op ecologisch vlak is acétamipride minder acuut dodelijk voor bijen dan andere neonicotinoïden, maar veroorzaakt het wel desoriëntatie en verminderde bestuiving, wat op termijn de biodiversiteit en oogsten beïnvloedt.
De EFSA heeft daarom de voorwaarden voor het gebruik verder aangescherpt. Sinds de zomer van 2025 geldt in de hele EU dat landbouwproducten, zoals honing, maximaal 0,3 milligram acétamipride per kilo mogen bevatten.
Op het gebied van dierhouderij versoepelt de wet de procedures rondom het bouwen of moderniseren van stallen door een snellere en minder bewerkelijke vergunningverlening in te voeren. Tevens zijn de criteria voor het afschieten van beschermde diersoorten zoals de wolf versoepeld: agrariërs mogen in geval van aanvallen sneller en met minder regeldruk ingrijpen. Niet-benutte wilde-quotums mogen worden doorgeschoven naar het volgende jaar, wat gevolgen kan hebben voor de populatieontwikkeling.
Voor agrariërs die zakendoen met grote afnemers zoals de vleesindustrie, legt de wet meer nadruk op prijstransparantie en worden afspraken over minimum- en maximumprijzen (de zogenoemde "tunnels de prix") verder uitgebreid naar andere sectoren. Daarnaast wordt de strafmaat voor diefstal en vernieling op agrarische locaties verzwaard.
Voor iedereen die in Frankrijk woont, boert of een tweede huis bezit, kunnen deze wijzigingen gevolgen hebben voor vergunningstrajecten, grondwatergebruik, lokale natuurbescherming en kosten rond pesticiden en drinkwater.
De formele inwerkingtreding van de wet hangt af van de definitieve Senaatsbehandeling. Daarbij geldt dat enkele uitvoeringsregels nog bij (ministeriële) ordonnantie verder kunnen worden uitgewerkt. De Europese Commissie krijgt een toezichtsrol indien de pesticide- of beschermingsregels afwijken van bestaande EU-wetgeving.
De volledige tekst en procedurele voortgang zijn openbaar in te zien op de pagina van de Franse Senaat:
Officiële publicatie: Loi d’urgence agricole (Sénat)
De precieze uitvoering in regio’s of gemeenten kan lokaal verschillen zolang nadere uitwerking in regelgeving of vergunningverlening nog wordt verwacht.
Reacties ()
Log in om mee te doen aan het gesprek en een reactie achter te laten!