In steeds grotere delen van Frankrijk leidt zomerse droogte tot merkbare gevolgen voor tuinen en erven. Planten zoals gazons, hortensia's, rhododendrons, azalea's en camelia’s blijken buiten schaduwrijke zones lastig in leven te houden zonder intensief te sproeien. Ook bamboe en een aantal decoratieve bloeiers als begonia, impatiens en petunia vragen structureel veel water. Sommige populaire struiken, zoals Japanse esdoorn op zonnige plekken, krijgen snel beschadigd blad bij aanhoudende hitte. Eigenaren zien daardoor hun beplanting verdrogen of moeten steeds vaker water geven, iets dat met strengere waterbesparingsmaatregelen lokaal al beperkt of verboden kan worden.
Te midden van hitte en droogte bieden inheemse soorten meestal de grootste kans op een blijvend groene tuin. Planten als lavendel, rozemarijn, tijm, salie, laurier-rose, cistus, brem en santoline verdragen zon en schrale bodems. Onder de bomen zijn olijf, steeneik, aardbeiboom, cipres, johannesbroodboom en op sommige plaatsen dennen zoals de parasolden en Aleppoden goed aangepast, al kunnen met name pijnbomen en cipressen een groter risico op brandverspreiding opleveren. Planten met vetplantenstructuur – waaronder agave, aloë, sedum, yucca en vijgcactus – doorstaan de droogte doorgaans met weinig water.
Brandgevaar speelt in Zuid-Frankrijk en risicoregio’s rond bossen en garrigue een steeds grotere rol, met als gevolg dat haagsoorten als cipres, den en thuja rondom gevels of houten bijgebouwen worden afgeraden. Ook eucalyptus, grote groepen cistus of lage, droge begroeiing verhogen het risico op snelle vuurverspreiding. In sommige departementen is debroussailleren (snoeien en verwijderen van droog materiaal rond huizen) verplicht en moeten planten verder uit elkaar staan. Zeker bij nieuwe aanplant is het verstandig soorten te kiezen die én de plaatselijke droogte doorstaan, én het risico vergroten op een overslaande brand vermijden.
Welke soorten geschikt zijn, hangt sterk samen met de lokale bodem, het microklimaat en verplichtingen rond brandveiligheid; gemeentes en departementen kunnen daarin eigen regels stellen. Nieuwe beplanting met veel waterbehoefte of verhoogd brandgevaar is in sommige regio’s in de zomer praktisch nauwelijks realiseerbaar. Overheidsinformatie over verplichtingen rond debroussailleren en brandpreventie is te vinden via de prefectuur van het correspondente departement. Wat wel mogelijk blijft: aanhoudend kiezen voor droogtebestendige soorten, spreiding tussen beplanting en minimale opslag van dood hout in de nabijheid van gebouwen.
Reacties ()
Log in om mee te doen aan het gesprek en een reactie achter te laten!