Schade aan schoolgebouwen die tijdens recente schoolblokkades door leerlingen wordt veroorzaakt, kan formeel worden verhaald op de ouders van minderjarigen. Volgens de Franse wet zijn ouders wettelijk aansprakelijk voor alle schade die hun kinderen onder de 18 toebrengen, tenzij zij kunnen bewijzen dat het buiten hun macht lag of zij alles hebben gedaan om het te vermijden. Ook als een schoolprotest plaatsvindt tijdens schooltijd, blijft deze toerekening gelden.
Uit de praktijk blijkt dat beschadigingen aan entreepoorten, hekken of meubilair meestal via de eigen burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering van de ouders (assurance responsabilité civile) worden afgehandeld. Op sommige scholen ontvangt het gezin na een vastgestelde schade direct een rekening of een oproep om contact op te nemen met de verzekeraar. Ouderbijdragen of solidariteitsacties kunnen enkel als aanvulling worden gevraagd wanneer de kosten niet volledig door de verzekering worden gedekt.
Wat betreft de persoonlijke uitwerking verschilt de striktheid van handhaving en de bereidheid tot verhaal per schoolbestuur en per gemeente. Scholen zijn sinds een belangrijke uitspraak in 2022 verplicht individuele gevallen volledig te documenteren. Dit betekent in de praktijk dat ouders lang niet altijd direct aansprakelijk worden gesteld; veel hangt af van de vaststelling wie daadwerkelijk bij vernieling of schade betrokken was.
Ondanks landelijke regels zijn sommige procedures bij grootschalige manifestaties niet helemaal te voorspellen. In gebieden waar de gendarmerie direct betrokken wordt bij schade-inschatting, vindt vrijwel altijd melding plaats aan de verzekeraar. Spreekt men slechts over collectieve onrust of blijft de schade beperkt, dan wordt er vaker niet of alleen symbolisch om vergoeding gevraagd. Tot op heden is er geen uniform beleid per regio vastgesteld.
Nieuwe stand van zaken op 3 oktober 2026:
Op vrijdag zijn volgens minister van Binnenlandse Zaken Laurent Nuñez landelijk 1.747 personen aangehouden in verband met protestgerelateerde onrust nabij circa 160 onderwijsinstellingen in Frankrijk. Sinds maandag staat de teller zelfs op ruim 5.000 arrestaties. Dit onderstreept de omvang van de huidige golf van blokkades en incidenten rond scholen door het hele land. Tegelijkertijd worden nieuwe protestacties verwacht op dinsdag, waarmee het incidentenniveau naar verwachting hoog blijft.
Ook vinden verspreid over het land zware incidenten plaats. In Metz werden vrijdagavond omstreeks 22.30 uur twee voertuigen in brand gestoken bij het collège François Rabelais; de brand verspreidde zich naar het overdekte schoolplein (préau), wat tot materiële schade leidde aan het gebouw. De politie laat weten dat er op dit moment nog geen arrestaties zijn verricht en dat een verband met de protesten nog wordt onderzocht.
Daarnaast is vrijdagavond in Marseille een 15-jarige jongen, niet bekend bij politie of justitie, aangehouden op verdenking van het in brand steken van een spray die hij richting het gezicht van een voorbijgangster zou hebben gericht, bij protesten aan de rand van een lyceum-demonstratie. Hij is in voorlopige hechtenis geplaatst; het onderzoek loopt.
In de regio Occitanie — en met name in het departement Haute-Garonne — bedraagt de totale schade door recente schoolblokkades en vernielingen inmiddels meer dan drie tot vier miljoen euro. Voor Haute-Garonne zelf wordt de schade voorlopig op één tot twee miljoen euro geraamd, dus bijna de helft van het totaal. De schatting loopt nog op, want er worden dagelijks meer incidenten gemeld en de schade-inschattingen worden aangevuld.
De zwaarst getroffen voorzieningen zijn onder meer toegangspoorten en -hekken, die deels door brand zijn verwoest, diverse ontvangstruimtes (loges d'accueil) die zijn vernield, en beschadigde beveiligingssystemen. Alleen het herstellen van de verbrande stoepen/parkeerterreinen (parvis) wordt al op enkele miljoenen euro's begroot. In sommige gevallen, zoals bij het lycée Roland-Garros, zal het maanden duren voordat herstel en volledige heropening mogelijk zijn.
Om verdere problemen te voorkomen, heeft de regionale overheid samen met de rectoren en de prefect meerdere scholen tijdelijk volledig op afstandsonderwijs (distanciel) gezet. Deze maatregel is bedoeld om de veiligheid van leerlingen en medewerkers te garanderen en uit te breiden, terwijl allochtone schade snel kan worden vastgesteld en hersteld. Ook is er extra tijdelijk toezicht geregeld om verdere inbraak of vernieling te voorkomen. Medewerkers van getroffen scholen ontvangen traumazorg, aangezien sommigen te maken kregen met brandgevaar en hevige stress bij de incidenten.
Als je als ouders wordt geconfronteerd met een blokkade op school, is het goed om te weten dat de praktische gevolgen voor leerlingen en personeel in de praktijk groot kunnen zijn. Concrete voorbeelden uit de Alpes-Maritimes laten zien dat tijdens recente blokkades en protesten de omstandigheden fors verzwaard zijn door materiaaltekorten, overvolle scholen en extreme hitte. In het Centre de documentation et d’information (CDI) werd recent een temperatuur van maar liefst 33 graden gemeten, en in sommige leslokalen liep dit op tot 35–36 graden. Hierdoor vinden veel lessen buiten plaats. Het schoolgebouw is ontworpen voor 900 leerlingen maar moet er momenteel 930 opvangen, wat leidt tot overvolle ruimtes, lange wachttijden bij de kantine, verspreide roosters met uren waar geen les is en voor zowel leerlingen als docenten vermoeiende dagen. Sommige leerlingen eindigen hun schooldag om 17 uur, terwijl hun trein pas om 17.50 uur vertrekt, waardoor ze pas om 20 uur thuis zijn met vaak nog veel huiswerk. Dit alles zorgt naast het risico op schade ook voor een verhoogde druk op het welzijn van leerlingen en personeelsleden.
Actuele wetsontwikkelingen over aansprakelijkheid bij groepsprotesten (oktober 2026):
De Franse regering werkt aan een nieuw wetsvoorstel dat de aansprakelijkheid bij groepsprotesten aanzienlijk kan uitbreiden. Waar tot nu toe ouders of individuele betrokkenen alleen konden worden aangesproken als werd aangetoond dat hun kind of zijzelf daadwerkelijk schade had veroorzaakt, voorziet het voorstel in een collectieve aansprakelijkheid tot maximaal 10.000 euro per persoon voor iedereen die deelneemt aan een groep die schade veroorzaakt. Hierbij hoeft niet meer individueel te worden aangetoond dat iemand persoonlijk schuldig was aan het toebrengen van de schade.
Het wetsvoorstel maakt het mogelijk om schadevergoeding (dommages et intérêts) direct te innen via beslag op gezinstoelagen (allocations familiales) en huisvestingshulp (APL), mits daarbij een bestaansminimum overblijft. Het voorstel is in september aan de Ministerraad gepresenteerd en heeft een positief advies ontvangen van de Raad van State, waardoor parlementaire behandeling versneld kan plaatsvinden. Het kabinet benadrukt dat groepsleden de kans krijgen te bewijzen dat zij niet aan vernieling hebben deelgenomen, maar de bewijslast verschuift aanzienlijk. De wetswijziging wordt politiek bekritiseerd vanwege de presumption van collectieve schuld en de mogelijkheid dat onschuldigen in zo'n groep financieel hard worden geraakt.
Voor dit thema bevestigt de Franse overheid in haar recente uitleg over de aansprakelijkheidsregels dat ouders formeel verantwoordelijk kunnen worden gehouden voor schade, ook bij protesten op of rond de school (bron: https://www.service-public.fr/particuliers/vosdroits/F2117).
Reacties ()
Log in om mee te doen aan het gesprek en een reactie achter te laten!